Archief voor mei 2010

Give Away x 2!

25 mei 2010

Ik kan enkel maar stikjaloers zijn op al die meisjes, dames, mama’s die zo ongelofelijk mooie dingen maken, knutselen of naaien. En als ze dan nog eens prachtige dingetjes gaan weggeven, ja, dan sta ik zeker te springen van enthousiasme!

En ik waag mijn kans tweemaal.

Bij Melissa Milis die wondermooie dingen maakt, ik ben vooral gek van die prachtige halsketting…
En ook bij Latanie die de allerschattigste prulletjes maakt. Chapeau! Die strikjesoorbellen zijn zo mooi.

Oh wat zou het tof zijn om eens iets te winnen op deze manier…

14w3d

23 mei 2010

Vorige week kon een geoefend oog al zien dat ik meer dan een gewoon buikje heb, maar effenaf zwanger ben.
Deze week is het niet meer te ontkennen.

Die buik groeit, maat, niet te doen!
Erg vind ik het niet. Ik vind dat pronken met die dikke zwangere buik een van de leukste dingen aan zwanger zijn.

Ook tijd voor buikfoto’s natuurlijk.
Op een zonnige morgen, in onzen of:

14w3d

Nog iets anders fantastisch aan het zwanger zijn, is het voelen van “broebelkes” en later de stampjes, vuistslagen en koprollen, al dan niet op pijnlijke wijze. Maar nu is het nog het stadium van zachte “broebelkes” die ik sinds deze week af en toe duidelijk voel. Zalig! Heerlijk! Magisch! Ook de derde keer.

“Wiebel”

19 mei 2010

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel met ons oudste spook. Haar fantasie draait soms op volle toeren en ze floept er soms behoorlijk grappige dingen uit.

Een kleine bloemlezing:

5 lepeltjes siroop zijn teveel eh, dan wordt mijn buik heel dik en gaat mijn deken niet meer over mijn buik en dan moet ik veel water drinken, dan gaat de siroop weg en is mijn buik weer dun
ik ga veel eten, dan heb ik een dikke buik en heb ik ook een beebietje in mijn buik
Als ze boos is: “Ik ga in een ander huisje wonen, dan kan ik doen wat ik wil! En Marie mag bij mij wonen, maar jij niet!”

En de topper momenteel:

Sinds haar plasavontuur aan de zee heeft ze uit eigen ondervinding ontdekt dat jongens iets anders hebben om te plassen dan meisjes. Een “wiebel” namelijk! Volgens Nora toch. Geef toe, ’t klinkt toch veel grappiger en beter dan “piemel”, niet?

“Jongens hebben een wiebel, zo een staart hier ” Ze had een slangetje gemaakt in plasticine en hield het tussen haar benen.
“Papa heeft een tikke wiebel eh”

Alleszins beter dan Marie die telkens opnieuw “ei kaka!” zegt als ze papa in zijn blootje ziet…

Voorkeur

14 mei 2010

“Ah, nu gade voor ne jongen zeker?”
“Allez, deze keer ne jongen eh!”

Enkele typische reacties op onze derde zwangerschap. Begrijpelijke reacties hoor, absoluut. Vroeger was ik er ook van overtuigd dat ouders na 2 dochters (of zonen) een heel grote voorkeur hadden voor een zoon (of dochter). Nu denk ik er toch ietsje genuanceerder over.

“Nu wilde wel ne jongen zeker?”

Goh, awel he. Ik heb vooral een absolute voorkeur voor een gezond en wel kindje. En eigenlijk maakt het niet uit of dat dan een mannelijk of vrouwelijk exemplaar is. Een torenhoog cliché maar oh zo waar.

Maar, ahja, uiteraard is er een maar, als ik echt heel erg eerlijk ben met mezelf en als ik enkel denk aan wat ík zou willen en ervan uitgaande dat ik überhaupt zou kunnen kiezen en er vooral van uitgaande dat het in de eerste plaats een gezond kind is, dan… dan hoop ik stiekem wel op een zoon.
Uit nieuwsgierigheid, ’t is ne keer iets anders. Hoewel een extra kind altijd ‘iets anders’ is natuurlijk, ook al is het een derde keer hetzelfde geslacht. Maar toch. Een zoon. ’t Zou wel tof zijn. Ben toch wel benieuwd naar hoeveel anders een jongen zich gedraagt of ontwikkelt. Benieuwd naar de interactie tussen zijn twee grote zussen. Benieuwd of die band anders is dan met een dochter.
En het lijkt me ook wel leuk om eens kewle, stoere, schattige jongenskleertjes te kiezen waar ik nu altijd straal voorbijloop. En een doos vol autootjes! En een racebaan. En een autogarage. En een voetbalgoal. Wijs!
Soms denk ik dat de meeste mama’s (en papa’s) stiekem toch wel van elke soort (minstens) ééntje willen, niet? Maar nog eens, met als eerste voorwaarde dat het gezond is. Dat spreekt voor zich.
’t Zou wel heel hard wennen zijn natuurlijk, een jongen na twee meisjes. Ik denk dan aan de beruchte “pipi-en in het rond en alles nat”- verhalen. En voor de portemonnee zou het ook minder gunstig zijn: een volledig nieuwe garderobe, compleet ander speelgoed (als hij wat ouder is toch). Ik vind het trouwens nu al raar om over een ‘hij’ te praten in plaats van een ‘zij’. Weird.

Anderzijds. 3 dochters. 3 meisjes. 3 zusjes. Een echte meisjesmama zijn. Het lijkt me ook superfantastisch en speciaal. Ook voor henzelf. Allez ja, hopende dat ze een beetje overeenkomen natuurlijk en iets aan elkaar hebben.  Hoewel een hoog oplopende ruzie of catfight er ongetwijfeld ook zal en moet bijhoren. Maar ik durf toch te hopen dat ze op sommige momenten in hun leven toch veel aan elkaar zullen hebben.
In tegenstelling tot wat velen misschien denken, ziet de papa des huizes het ook wel zitten: 4 vrouwen op zijn dak. Hij heeft altijd al beweerd dat hij 3 dochters ging krijgen én volgens hem verwekken enkel mannen die mans genoeg zijn enkel dochters (sic!).
Misschien is een kleine zus voor de grote zussen zelfs ietsje leuker dan een kleine broer? In begin zal kleine broer natuurlijk vertroeteld en bemoederd worden tot in extremis maar zal hij zich later niet wat uitgesloten voelen als er niet zoveel gemeenschappelijke interesses meer zijn? Als hij als enige jongen opgescheept zit met die met poppen en Barbies spelende gibberende trienen? Als hij wil voetballen en zijn zussen niet. En de papa heeft ook al een hekel aan voetbal. Misschien moeten we dan toch nog voor een 4de kind gaan én voor opnieuw een jongen natuurlijk. Moeha!

19 juli, the moment of truth. Nog 66 dagen. En ik zweer u dat ik in die gynestoel blijf zitten tot Kamiel zijn/haar benen opendoet. Ik ga daar niet buiten tot ik weet of er een jongentjes- of een meisjesparasiet in mijn buik groeit…

Moederdag x 3

11 mei 2010

Nora was al een ganse week bezig over een kadootje voor mama dat ze samen met papa moest verstoppen. “Maar je mag het flesje nog niet zien eh mama!”. Hmmm, een flesje…
Voor de rest heeft ze goed kunnen zwijgen en niets meer verklapt. En heeft ze samen met papa het flesje goed verstopt in de keuken. En heeft ze zelfs kunnen wachten tot zondag vooraleer ik mocht zoeken (dankzij de mini-aftelkalender dat ze meehad uit de klas). Typisch natuurlijk dat ze tijdens het zoeken eigenlijk meteen zei waar ik moest zoeken: “Misschien in de keuken he mama“. “Kijk eens hier in deze kast hier, mama!”
Het versje had ze wel al een paar keer voorgezegd: ze nam dan iets van speelgoed, deed het in een zakje, verstopte het achter haar rug en liet het me pas zien nadat ze haar versje gezegd had. Generale repetitie, als het ware. Superschattig.

Dit was het flesje en het versje:

Een flesje badcrème met een versierd hartje! Ik kijk al uit naar m’n eerste zalig badje!

Versje:

Mama,
Hier komt jouw kapoentje
Met een pakje
En een zoentje
Met een hele lieve lach
Want het is vandaag moederdag!

Marie had ook iets mee van de crèche, donderdag al. En aangezien het verpakt was in doorzichtig cellofaanpapier was het geen grote verrassing ;) Ik heb het wel pas zondag helemaal uitgepakt.

Geen geheimdoenerij of versjesgedoe bij Marie. ’t Kind snapt duidelijk nog geen jota van al dat moederdaggedoe :)

En “Kamiel” dan. Hij/zij had ook een kleine attentie voor ons: een 10/10 van de gyne gisteren, een dagje na moederdag! Onze derde nazaat groeit goed, is alreeds 6.5 cm (van hoofd naar poep) en heeft een geruststellende kleine nekplooi.
Er werd al eens gezocht naar een aanhangseltje of een ‘hamburgertje’ tussen de beentjes maar daarvoor was het duidelijk nog te vroeg. Zo vrijgevig is hij/zij dan weer niet…

Meer nog, het is wachten tot 19 juli (negentien juli! meer dan TWEE MAANDEN!) voor een volgende echo (volgende controle is bij de vroedvrouw zonder echo) en ten vroegste dan gaan we weten of ’t een Kamiel of Kamilla wordt. Ik was eerlijk gezegd toch efkes in shock bij dat feit. De twee vorige keren wisten het rond 13 weken al. Nu pas rond 22 weken. Zo tergend laat! Tot dan wachten dus voor ik babykleertjes kan shoppen: hoe onmenselijk! Gelukkig heb ik nog twee andere kindjes waarvoor ik gisteren wel superschattige en – kewle kleertjes kon kopen. Oef oef oef…

“Ik ga u doodmaken”

6 mei 2010

Hangt er iets in de lucht? Is het de leeftijd? Is het de lente die maar niet echt doorbreekt? Geen idee, maar dat er menige moeders (en vaders) met de handen in het haar zitten, vaak letterlijk, lees je hier, hier en hier .

En hier.

Want Nora heeft kuren, amai niet. Van het moment dat ze wakker wordt tot het moment dat ik haar slaapkamerdeur – opgelucht – dichttrek, wordt mijn geduld ongelofelijk hard op de proef gesteld (soms met succes, soms niet).

En wat doet ze dan zoal? Wel:
– Tegenspreken. Op een erg onbeleefde en agressieve manier.
– Extreem tegendraads doen. Zelfs als ik voorstel om iets te doen dat ze leuk vindt, wil ze niet. Gewoon omdat het leuk is om dwars te doen.
– Om het aller-allerminste kan ze boos worden en/of begint ze te huilen. En is ze moeilijk te stoppen. Klein vb’je: ze kruipt in de autostoel, ze wil nog iets zeggen, maar ik zag het niet, doe de deur dicht en tegen dat ik op mijn stoel zit, hoor ik haar oorverdovend en hartverscheurend huilen want: “ma ik wou nog iets zeggen en jij moet dan hier staan bij mij en niet daa-aaaaa-aaaaaar!”. 7 minuten heeft ze daarvoor zitten krijsen. En nadien wist ze niet meer wat ze wou zeggen natuurlijk.
– Slaan, duwen, pitsen, boksen. Zowel bij ons, als bij Marie. Ze is er enkele keren voor in de berging gevlogen (zonder licht, ik was echt kwaad…) en het lijkt resultaat te hebben: als ze kwaad is, merk ik nog dat ze wil slaan of boksen, maar tegenwoordig kan ze zich tegenhouden en zichzelf beheersen. Maar niet altijd.

Een kleine bloemlezing:

Ik ben boos op jou, jij mag nu niets meer zeggen!”
Jij moet luisteren en zwijgen!
“Ga nu maar weg, want ik ben boos op jou!”
“Ik ga u slaan en doodmaken!”
“Ik ga het niet meer zeggen, ik zeg het geen twee keer!”
“Ik ga het toch doen, nanananaaaaa!”
(als we zeggen dat ze iets niet mag doen)
“Dan ga ik wel alleen en ga zelf met de auto rijden!”
(als we zeggen dat we thuisblijven als ze niet stopt)
“Ik ga het niet meer zeggen, want je luistert niet!
” (als ik iets niet van de eerste keer hoor of begrijp)
“Je bent niet flink en leuk!”
“Laat mij gerust, je bent stom!”

“Ik ga op uw zonnebril trappen!” (toen mijn bril op het terras viel en ze vliegensvlug haar voet erop zette. Zomaar.)
“Versta je mij?” (geërgerd) (als ze iets aan het uitleggen is)

En Marie, die imiteert graag en ik hoor haar soms diezelfde dingen zeggen. Voorlopig nog enkel tegen haar poppen…

Nuja, ’t zal wel weer overgaan ongetwijfeld. Hoe sneller, hoe liever. Elke dag lijkt het al een beetje beter te gaan, ofwel verleg ik gewoon elke dag mijn grenzen en ben ik sneller content.
Gelukkig kan ze ook nog lief zijn. En krijg ik soms ‘zomaar-kusjes’.  En als ik ’s avonds voor ik ga slapen, nog eens door haar haren wrijf en mijn klein mooi lief snurkende meisje zie, lijken al die crisisjes overdag peanuts. Tot ze ’s morgens wakker wordt en razend wordt omdat ik een van haar duizend knuffels verleg zodat ze uit bed kan stappen. Back to reality.

Mottig & Moe

5 mei 2010

Na twee misselijk-loze zwangerschappen, durft ne mens er al eens van uitgaan dat hij ze bij een derde zwangerschap ook wel gespaard zal blijven van misselijkheid.

Niet dus.

Al vanaf de 5de week voel ik me vaak mottig, onpasselijk en misselijk. Nog niet zo erg dat ik moet overgeven gelukkig. Maar ’t is toch soms niet te geloven hoe ellendig en bescheten een mens zich kan voelen. Nul energie, nul fut, nul goesting in niks. En als je dan een ganse dag gewoon in de zetel kan liggen, gedrenkt in zelfmedelijden, zou het misschien nog meevallen. Maar als je in plaats van dat, twee niet altijd gewillige meisjes ’s morgens in sneltempo moet klaarmaken, laten eten aan een tempo trager dan een slak, ervoor zorgen dat de oudste niet te laat is op school (tegenwoordig komt ze toe net als de bel gaat), de kleinste entertainen, eten maken als je geen eten kan zién, ruiken, voelen, zelf mee-eten omdat het zo pedagogisch hoort, jezelf gelukkig prijzen dat de jongste nog steeds een dutje doet van 2 uur, maar niet altijd verstandig genoeg zijn om dan ook zelf wat te slapen, dan Nora halen die na een schooldag moe is ergo superlastig. En man, wat is ze de laatste weken extreemsupervreselijk lastig (…). Ze wat laten spelen/ruzie maken/elkaars haren uittrekken, boterhammetje eten en elke keer afvragen hoeveel bekers melk er vandaag tegen de grond gaan vliegen, hoeveel huilbuien en van wie we gaan krijgen. En ondertussen nog steeds geen eten kunnen zien. En dan moet het lastigste vaak nog beginnen: pyama aankrijgen, al dan niet voorafgegaan door een bad en verhaaltje lezen en bed in. En dan het zalige moment van de twee slaapkamerdeuren te kunnen dichtdoen en in de zetel ploffen. En jezelf de seconde nadien afvragen: oh mijn god, binnen 3 maanden 6 maanden (dank u, alerte lezers, om mij op deze fout te wijzen! Ook al ben ik nu reeds extreem nieuwsgierig naar ons derde patat, bevallen binnen 3 maanden zie ik inderdaad hoegenaamd niet zitten) zitten we met nóg een patatje opgezadeld! Om vervolgens een paniekaanval te onderdrukken.

Echt, een werkdag is soms ontspannender en minder vermoeiend dan een thuisblijfdag. Hoewel ik het niet anders zou willen hoor. I – hartje – halftijds werken.

Maar we blijven positief. Ik ben al blij dat ik niet constant naar de WC-pot moet hollen en ’t is gelukkig ook niet elke dag dat ik last heb. De eerste twee weken wel zo goed als elke dag. Nadien soms wel, soms niet. Dan één of twee weken zo goed als misselijkvrij geweest. Ne mens begint dan al opgelucht te juichen natuurlijk. Maar sinds dit weekend is het weer vollenbak mottigheid. Ik ben morgen 12 weken, de magische 12 weken waarop alles beter gaat en de misselijkheid en vermoeidheid gaan smelten als sneeuw voor de zon en ik ga barsten van energie en levenslust. Ik reken erop eh, lijf van mij! ’t Is alsof dat lijf me op een  (niet zo) vriendelijke maar kordate manier wil vragen of het toch wel de laatste keer is dat ik een parasietje in mijn lichaam laat groeien… Of ’t is Kamiel die nu al laat zien wat voor een pestkop hij/zij nu reeds is.

We hebben het er allemaal voor over natuurlijk. De ene moment al wat meer dan de andere moment. En het is ergens ook een geruststelling, want als ik me een dag niet misselijk voel, ben ik toch al aan het panikeren dat het gedaan is met Kamiel. Dus dan misschien liever misselijk en gerust zijn. Misschien…

Maandag 10 mei mogen we onze derde nazaat eindelijk nog eens gaan bekijken. Inclusief nekplooimeting en al. Weer een stressmoment. Om de zenuwen onder controle te houden, gaan we voor onze date met de gynaecoloog nog eens gaan shoppen in Gent (baby-, kinder- en zwangerschapskleding, what else), en na den date gaan manlief en ik nog eens op date: etentje en filmpje. Onnodig te zeggen dat ik daar al superhard naar uitkijk. Niet in het minst voor de chipkes  of popcorn of snoepjes tijdens de film. Want ondanks de mottigheid is de drang naar snoep, chips en vettige dingen zoals frieten, hamburger groter dan ooit tevoren. En dat terwijl de zin in chocolade verminderd is. Minder.zin.in.chocola. Un-be-lie-va-ble.